FAQ gezondheidsonderzoeken

Hier vind je de antwoorden op de meest gestelde vragen over gezondheidsonderzoeken.


Waarom maakt de Raad geen gebruik van de PennHip methode?

In het kader van preventieve screening coördineren en faciliteren wij onderzoek naar heupdysplasie. Dit onderzoek vindt plaats volgens het Algemeen Onderzoeksreglement en verloopt volgens een onderzoeksprotocol. De beoordeling van de röntgenfoto's voldoet daarmee aan de normen van de FCI.

Met de zogenaamde PennHip-methode kun je al op jonge leeftijd een inschatting maken van de losheid van de heupen. Dit heeft een hoge voorspellende waarde voor een mogelijke aanleg voor heupdysplasie. Deze beoordeling is dan ook een welkome aanvulling op de bestaande onderzoeken om heupdysplasie in rashondenpopulaties te voorkomen. Wij registreren de uitslagen hiervan echter niet.

Wij adviseren om niet enkel af te gaan op een Pennhip-uitslag, maar, afhankelijk van het ras op de leeftijd van 12, 18 en/of 24 maanden de heupen (ook) te (laten) beoordelen met behulp van officiële röntgenopnames.

 

Ik ben het niet eens met de beoordeling/uitslag. Wat nu?

Als je het niet eens bent met een beoordeling kun je een herbeoordeling aanvragen. Op de pagina’s over heupdysplasie en elleboogdysplasie lees je meer hierover.

 

Hoe oud moet mijn hond zijn om zijn heupen of ellebogen te laten beoordelen?

Voor onderzoek naar heupdysplasie (HD)  moet de hond minimaal twaalf maanden oud zijn.

Voor een aantal rassen geldt een uitzondering; de volgende honden moeten minimaal achttien maanden oud zijn:

  • Berghond van de Maremmen
  • Bordeaux Dog
  • Bullmastiff
  • Duitse Dog
  • Landseer ECT
  • Leonberger
  • Mastiff
  • Mastino Napoletano
  • Newfoundlander
  • Pyreneese Berghond
  • Sint Bernard

 

Voor onderzoek naar elleboogdysplasie (ED) moet de hond minimaal 18 maanden oud zijn.

Voor een aantal rassen geldt een verlaagde minimumleeftijd van 12 maanden.

Het gaat hierbij om de volgende rassen;

  • Golden Retriever
  • Labrador Retriever
  • Nova Scotia Duck Tolling Retriever
  • Flatcoated Retriever
  • Chesapeake Bay Retriever
  • Duitse Herdershond
  • Rottweiler
  • Bouvier des Flandres

 LET WEL: Voor een aantal van deze uitzonderingsrassen is aanvullend een diagnose-onderzoek verplicht.

Voor een diagnose-onderzoek moet de dierenarts in 4 richtingen foto's maken per voorpoot (8 foto's in totaal). 

Het gaat hier om de volgende rassen;

  • Labrador Retriever
  • Golden Retriever
  • Chesapeake Bay Retriever
  • Rottweiler
  • Berner Sennenhond
  • Duitse Herdershond
  • Bordeaux Dog
  • Oudduitse Herdershond 

 Voor een diagnose-onderzoek moet de dierenarts in 4 richtingen foto's maken (8 foto's in totaal). 

 

Wanneer krijg ik mijn HD/ED certificaat?

Wekelijks worden de onderzoeken door het HD/ED-panel beoordeeld. Zodra het onderzoek door de dierenarts naar ons is verzonden en de foto's beoordeeld zijn door het HD/ED-panel ontvang je een e-mail. 
In je account staat dan direct het certificaat met de FCI-eindbeoordeling, je kunt deze daar ook downloaden en evt. uitprinten. Het certificaat ontvang je niet per post.

 

Wat betekenen de verschillende categorieen; 
A t/m F bij de gezondheidsonderzoeken?

Categorie A: geprotocolleerde onderzoeken die direct door de onderzoeker of een instituut aan de Raad van Beheer worden doorgegeven.
Categorie B: geprotocolleerde onderzoeken die niet direct worden ontvangen door de Raad van Beheer (denk aan een HD-onderzoek bij een buitenlandse hond).
Categorie C: geprotocolleerde onderzoeken waarbij het chipnummer niet op het resultaat staat.
Categorie D: niet geprotocolleerde onderzoeken zoals bijvoorbeeld DNA-tests. Het chipnummer is op het resultaat vermeld.
Categorie E: niet-geprotocolleerde onderzoeken zonder chipnummer.
Categorie F: DNA onderzoeksresultaten met verklaring, afgenomen door een dierenarts of door een medewerker van de Raad van Beheer (buitendienstmedewerker).